Een houten distributiecentrum van 155.000 m² voor BESTSELLER

Waarom het nieuwe Logistics Centre West de bijnaam ‘Kathedraal van hout’ kreeg

Dit artikel is gebaseerd op een publicatie van Cobouw en aangevuld met eigen projectinformatie.

Het nieuwe distributiecentrum van de Deense kledingproducent BESTSELLER in Lelystad is al een reusachtige constructie van Cross Laminated Timber, CLT. Maar minstens zo opvallend is de enorme hoeveelheid stro die in de gevel wordt verwerkt. “Het in beeld krijgen van de risico’s was de grootste uitdaging.”

Project: BESTSELLER Logistics Centre West | Locatie: Lelystad | Opdrachtgever: BESTSELLER | Oppervlakte: 155.000 m² | Geveloppervlakte: 42.000 m² | Alle informatie

De glimlach is niet van Frank van de Vens gezicht te sláán. Eindelijk mag de algemeen directeur van het familiebedrijf Van de Ven uit Veghel het project laten zien waar bijna al zijn medewerkers al jaren mee bezig zijn. ‘‘Onze opdrachtgever, BESTSELLER, houdt normaal gesproken van low profile.’’ Maar onlangs werd een mijlpaal bereikt: gevierd werd dat het hoogste punt van het gebouw stónd, nadat het laatste dakconstructiedeel geplaatst was. Van de Ven greep dat aan om zijn Deense opdrachtgever ervan te overtuigen dat de buitenwereld nu ook moest zien waar ze mee bezig waren. 

Moderne distributiecentra zijn altijd al indrukwekkend, vanwege de schaalgrootte. Maar vaak zijn het wel puur functionele, niet inspirerende gebouwen, opgetrokken uit staalconstructies, aluminium en gevelpanelen. Dat is bij dit gebouw, dat in het lege polderland staat aan de noordoostkant van Lelystad, totaal anders.

Wat maakt het distributiecentrum van BESTSELLER bijzonder?

De Deense eigenaar, BESTSELLER, wilde met dit distributiecentrum voor kledingwinkelketens als Jack&Jones en Vero Moda juist níet de zoveelste doos in West-Europa neerzetten. In plaats daarvan moest in Lelystad een ontwerp van architectenbureau Henning Larsen verrijzen, dat de naam draagt van de inmiddels overleden houtbouwarchitect Henning Larsen. Het is een gebouw dat wegvalt in het landschap door het gebruik van natuurlijke materialen, een groen dak en een nieuw aangelegd natuurgebied. Afgezien van de fundering en vloer op de begane grond wordt vrijwel de complete constructie opgetrokken uit hout, vooral uit verschillende soorten van kruislaaghout (CLT). In de 1,5 kilometer aan gevels is 42.000 m² aan strocassettes verwerkt, om het te isoleren.

De kwaliteit van een villa

BESTSELLER was bereid flink uit te pakken, zo is er in het gebouw straks plaats voor verschillende geautomatiseerde distributielijnen van de kledingwinkels, voor twee gerobotiseerde magazijnen en 7.000 m² kantoorruimte. Van de Ven: ‘‘De inrichting van de kantoren wordt echt van een niveau dat we qua kwaliteit in Nederland alleen van de bouw van villa’s kennen.’’

De Delftse hoogleraar Pablo van der Lugt, al jaren een vurig pleitbezorger van bouwen met hout, steekt zijn bewondering voor het gebouw niet onder stoelen of banken. Maar deze “houten kathedraal”, zoals hij het pand noemt, stond lange tijd helemaal niet op zijn radar, doordat de opdrachtgever zo terughoudend was. ‘‘Iemand vertelde me dat het gebouwd werd, maar ik heb Frank van de Ven er echt van moeten overtuigen om een keertje op de bouwplaats te mogen kijken.’’ Volgens Van der Lugt is het gebouw een mooi voorbeeld van hoe je houtbouw kunt toepassen. Niet alleen is CLT gebruikt, maar het gebouw is ook vrijwel geheel demontabel en herbruikbaar. Daar zou volgens de hoogleraar elders ook meer aandacht aan moeten worden besteed. ‘‘We moeten in de bouw veel losmaakbaarder gaan denken.’’

Bijna serene sfeer

Het hout blijft ook na de oplevering van het distributiecentrum overal zichtbaar. Het atrium met de grote houten trap bij de ingang geeft het gebouw bijna een serene sfeer. Nu biedt de lege constructie nog een blik op honderden houten kolommen in de hal, met in totaal een lengte van een halve kilometer. Na de oplevering komen hier lange distributielijnen te staan, lopende banden en machines die waarschijnlijk veel meer geluid maken dan de borende en timmerende bouwvakkers nu doen.

Geluid en trillingen waren om die reden een belangrijk thema bij de constructie van het gebouw, legt Kees Franssen uit, hoofd bedrijfsgebouwen bij Van de Ven. ‘‘Het probleem was dat we bij veel uitdagingen waar we tegenaan liepen in het technische ontwerpproces geen voorbeelden hadden. Je kunt niet even opzoeken hoe hout zich gedraagt bij een constructie met deze omvang. Dit is nog niet eerder gedaan.’’

Hoe testte Van de Ven de houten constructie en gevel?

Om diverse aspecten van het gebouw en de materialen te testen, bouwde Van de Ven daarom op zijn eigen bedrijfsterrein in Veghel een mock-up, een proefopstelling op ware grootte, om de houten constructie en gevelpanelen uitgebreid te testen. ‘‘We wilden eerst oefenen voordat we die anderhalve kilometer gingen bouwen.’’ Het testen en extra engineering leidde tot aanpassingen in het ontwerp. Zo is onder de houten verdiepingsvloeren isolatie aangebracht om de hoeveelheid trillingen te verminderen.

Voor het distributiecentrum in Lelystad wordt niet alleen CLT gebruikt, het gebouw is ook vrijwel geheel demontabel en herbruikbaar.

Welke risico's ontstonden door de uitzonderlijke schaal?

Voor Kees Franssen was de grootste uitdaging misschien wel het calculatieproces. ‘‘Alles wat we hier doen, is extreem: de duurzaamheid die we nastreven en het formaat waarop we dat doen. Je kunt niet even iemand bellen met de vraag hoe die dat heeft gedaan. Dat maakte het enorm belangrijk om de risico’s in kaart te brengen. We hebben echt voor ieder onderdeel een lijst gemaakt met de risicopercentages: hoe groot is de kans dat het niet lukt of we het moeten aanpassen?’’

We hadden vooral moeite om partners te vinden voor dit project. ‘‘In eerste instantie waren veel partijen die we belden heel enthousiast. Totdat ze zagen op welke schaal we hier wilden gaan bouwen. Toen haakten de meesten af. Daar hebben we overigens best begrip voor. Zo’n enorm project als dit betekent vaak dat een bedrijf zich voor honderd procent op één opdrachtgever moet richten. Dat kan riskant zijn met het oog op je bedrijfszekerheid. Het betekende dat we veel meer zelf hebben moeten doen.’’

"Alles wat we hier doen is extreem. De duurzaamheid die we nastreven en het formaat waarop we dat doen”
Kees Fransen

Op relatief korte termijn de juiste materialen vinden, was ook geen makkelijke opgave, vertelt kees Franssen. ‘‘Je kan niet even het Houtcentrum bellen met de vraag om 70 kilometer aan planken te leveren.’’ En dan was het hout nog niet eens het lastigste bouwmateriaal dat gebruikt is. Om de gevel te isoleren, wilde de opdrachtgever stro gebruiken. Maar hoewel dat een geaccepteerd biobased materiaal is, was het tot nu toe alleen gebruikt bij relatief kleine bouwprojecten. Franssen: “Maar in dit gebouw moest meer stro worden verwerkt dan de complete stro-industrie ooit aan stropanelen heeft geproduceerd.’’

De enige partij die de benodigde 42.000 m² stropanelen kon leveren, was het Litouwse bedrijf EcoCocon, dat net een nieuwe fabriek wilde gaan bouwen in Slowakije. Het heeft onlangs de laatste cassettes van geperst stro in een houten omhulsel afgeleverd.

Van de Ven kijkt even omhoog naar het zonlicht dat door de lichtkoepel in de hal valt. ‘‘We hebben toch maar mooi de ballen gehad om dit te doen.’’

Dit artikel is gebaseerd op een publicatie van Cobouw en aangevuld met eigen projectinformatie. Lees het hele artikel uit Cobouw via: Niet de zoveelste distributiedoos in de polder, maar een ‘kathedraal van hout’

Benieuwd naar onze BESTSELLER updates? Lees hier alles over dit indrukwekkende project

Afgezien van de fundering en vloer op de begane grond wordt vrijwel de complete constructie van het distributiecentrum van Bestseller opgetrokken uit hout, vooral uit verschillende varianten kruislaaghout (CLT)

DELEN
gerelateerd nieuws
Een houten distributiecentrum van 155.000 m² voor BESTSELLER
Koningin Máxima opent Intracare in Veghel